Ccalcus.app

Hypotheek berekenen

Snelle simulatie van je hypotheek: vul het hypotheekbedrag, de looptijd en de rente in en zie direct je bruto maandlast.

Snelle berekening Eerste indicatie

Gegevens van je hypotheek

Looptijd
Hypotheekrente (nominaal)
%
Rentevorm

Je bruto maandlast

€ 1.364 /maand
30 jaar bij 3,6% rente
Hypotheekbedrag€ 300.000
Aantal termijnen360
Totale rente€ 191.040
Totaal te betalen€ 491.040
Opbouw van de hypotheek
Aflossing
Rente

Hypotheekgids 2026

De vier factoren die bepalen hoeveel je elke maand betaalt

Hypotheekbedrag

Hoogte van de lening

Het bedrag dat je bij de geldverstrekker leent is niet hetzelfde als de koopprijs van de woning. Sinds 2018 mag je in Nederland maximaal 100% van de woningwaarde (loan-to-value) lenen; eigen geld erbovenop is dus geen verplichting voor de woning zelf, maar wél voor de bijkomende kosten koper. Met de Nationale Hypotheek Garantie (NHG) krijg je bij leningen tot de NHG-grens vaak een lagere rente en bescherming bij betalingsproblemen.

Voorbeeld
Woning van € 400.000: je leent de volledige koopsom van € 400.000 (100% LTV). De kosten koper van ongeveer € 16.000–24.000 (4–6%) financier je niet mee en betaal je uit eigen geld.

Hypotheekrente

Prijs van de lening

De nominale rente is het pure rentepercentage dat de bank over de restschuld rekent — dit bepaalt je maandlast. Daarnaast staat de effectieve rente (jaarlijks kostenpercentage), die bijkomende kosten meeneemt en bedoeld is om aanbiedingen eerlijk te vergelijken. Voor een rentevaste periode van 10 jaar liggen de hypotheekrentes in 2026 afhankelijk van je risicoklasse (LTV) en NHG grofweg tussen 3,3% en 4,2%.

Voorbeeld
€ 300.000 over 30 jaar: 3,3% → maandlast € 1.314. 4,0% → maandlast € 1.432. Verschil: € 118/maand ≈ € 42.500 over de hele looptijd.

Looptijd & rentevaste periode

Duur van de hypotheek

Hoe langer de looptijd, hoe lager de maandlast, maar hoe hoger de totale rentekosten. In Nederland is de looptijd voor de hypotheekrenteaftrek maximaal 30 jaar. De rente zet je vast voor een rentevaste periode van bijvoorbeeld 5, 10, 20 of 30 jaar; loopt die af, dan volgt een renteherziening tegen de dan geldende rente. Een kortere looptijd betekent sneller aflossen en flink minder rente.

Voorbeeld
€ 300.000 bij 3,6%: 20 jaar → € 1.758/maand, totaal € 421.920. 30 jaar → € 1.364/maand, totaal € 491.040. De langere looptijd "kost" je circa € 69.000 extra aan rente.

Maandlast / inkomen

Woonquote

Hoeveel je maximaal mag lenen wordt in Nederland bepaald door de financieringslastnormen die het Nibud jaarlijks vaststelt: een percentage van je bruto-inkomen dat je aan woonlasten mag besteden (de woonquote). Lopende verplichtingen (zoals een persoonlijke lening, autolease of studieschuld) worden meegeteld en verlagen de maximale hypotheek. Een tweede inkomen telt grotendeels mee.

Voorbeeld
Bij een gezamenlijk bruto-inkomen van € 70.000 ligt de maximale hypotheek vaak rond € 300.000–340.000, afhankelijk van de rente en eventuele schulden. Een hogere rente verlaagt het maximale leenbedrag.

Vergelijk meerdere geldverstrekkers

Blijf niet bij het eerste voorstel. Een vergelijking van vier à vijf aanbieders (eventueel via een onafhankelijk hypotheekadviseur) kan 0,2–0,4% schelen op de rente — over de looptijd al snel tienduizenden euro's. Vraag altijd naar de effectieve rente.

Maak gebruik van boetevrij aflossen

Bij de meeste hypotheken mag je jaarlijks tot 10% van de oorspronkelijke hoofdsom boetevrij extra aflossen. Al € 5.000–10.000 per jaar verkort de looptijd met jaren en bespaart flink rente, omdat de restschuld sneller daalt.

Denk aan de renteherziening

Na afloop van de rentevaste periode wordt de rente herzien. Is de rente dan gestegen, dan stijgt je maandlast. Een langere rentevaste periode geeft meer zekerheid, vaak tegen een iets hogere rente. Houd hier rekening mee in je budget.

Vast, variabel of een combinatie: rentevormen in Nederland 2026

De keuze van de rentevorm is een van de belangrijkste beslissingen van je hele hypotheek. Elke variant heeft voor- en nadelen, die afhangen van je behoefte aan zekerheid, de looptijd en je verwachting van de toekomstige rente-ontwikkeling.

Rentevorm Indicatie 2026 Belangrijkste voordeel Belangrijkste risico
Vaste rente 3,3% – 4,2% Vaste maandlast tijdens de rentevaste periode Renteherziening na afloop van de periode
Variabele rente Euribor + opslag Profiteert direct van een dalende rente Maandlast stijgt als de rente stijgt
Combinatie Vast + variabel Zekerheid op een deel, flexibiliteit op de rest Deels gevoelig voor rentestijging

Aflossingsschema: zo lopen aflossing en rente

Bij een annuïteitenhypotheek (gelijkblijvende maandlast) bestaan de termijnen in de eerste jaren bijna volledig uit rente. Hieronder de opbouw voor een hypotheek van € 300.000 tegen 3,6% over 30 jaar (maandlast ~€ 1.364):

Jaar Afgelost Betaalde rente Restschuld
Jaar 1 € 5.659 € 10.709 € 294.341
Jaar 2 € 5.866 € 10.502 € 288.475
Jaar 5 € 6.527 € 9.841 € 269.171
Jaar 15 € 9.330 € 7.038 € 182.040
Jaar 30 € 16.080 € 48 € 0

Let op 2026: Loopt je rentevaste periode af voordat de hypotheek volledig is afgelost, dan volgt een renteherziening over de resterende schuld tegen de dan geldende rente. Alleen een annuïteiten- of lineaire hypotheek die binnen 30 jaar wordt afgelost komt in aanmerking voor hypotheekrenteaftrek; voor nieuwe aflossingsvrije hypotheken bestaat sinds 2013 geen recht meer op aftrek. Vergelijk bij elke renteherziening opnieuw meerdere aanbieders.

Tip: Vraag vóór ondertekening altijd het Europees gestandaardiseerd informatieblad (ESIS) en een bindend voorstel op. De kosten koper (k.k.) bedragen meestal 4–6% van de koopsom: overdrachtsbelasting (2% bij een bestaande woning; voor starters van 18–34 jaar geldt onder een prijsgrens een vrijstelling), notaris, taxatie, advies- en bemiddelingskosten en eventueel een makelaar. Officiële cijfers over hypotheekrenteaftrek vind je bij de Belastingdienst.

Rekenvoorbeeld: € 400.000 tegen 3,3% over 25 jaar

Hypotheekbedrag € 400.000
Looptijd / rente 25 jaar / 3,30%
Maandlast € 1.957 /maand
Totale rente € 187.100
Totaal te betalen € 587.100

Disclaimer: Deze rekentool geeft een indicatieve berekening op basis van een annuïteitenhypotheek met een gelijkblijvende rente en houdt geen rekening met bijkomende kosten, NHG-korting, hypotheekrenteaftrek of je persoonlijke situatie. Aan de uitkomst kunnen geen rechten worden ontleend. Raadpleeg voor je belastingsituatie de Belastingdienst en laat je voor een bindend aanbod adviseren door een erkend hypotheekadviseur.

Veelgestelde vragen over de hypotheek

We beantwoorden de meest gestelde vragen over hypotheken en woningfinanciering

De nominale rente is het pure rentepercentage dat de bank over je restschuld rekent; dit bepaalt de hoogte van je maandlast. De effectieve rente (jaarlijks kostenpercentage) neemt daarnaast bepaalde bijkomende kosten mee en ligt daardoor bijna altijd iets hoger dan de nominale rente. Voor het vergelijken van verschillende aanbiedingen is de effectieve rente de bepalende maatstaf, omdat die de werkelijke kosten onder gelijke voorwaarden weergeeft. Een hypotheek met een lagere nominale rente kan in de praktijk duurder zijn als de effectieve rente duidelijk hoger ligt.
Sinds 2018 mag je in Nederland maximaal 100% van de woningwaarde lenen, dus voor de woning zelf heb je in principe geen eigen geld nodig. Wél betaal je de kosten koper (gemiddeld 4–6% van de koopsom) en eventuele verbouwingen meestal uit eigen geld, omdat die niet of beperkt meegefinancierd worden. Wie tot de NHG-grens leent, profiteert vaak van een lagere rente en extra bescherming. Hoe meer eigen geld je inbrengt, hoe lager je risicoklasse (loan-to-value) en daarmee meestal je rente.
De rentevaste periode is de tijd waarvoor de geldverstrekker je rente vastzet — gangbaar zijn 5, 10, 20 of 30 jaar. Tijdens die periode blijft je maandlast voorspelbaar. Is de hypotheek aan het einde nog niet afgelost, dan volgt een renteherziening: de geldverstrekker doet een nieuw renteaanbod tegen de dan geldende rente, dat je kunt accepteren of waarvoor je kunt oversluiten naar een andere aanbieder. Stijgt de rente in de tussentijd, dan wordt je maandlast hoger. Een langere rentevaste periode biedt meer zekerheid, meestal tegen een iets hogere rente.
Bovenop de koopsom komen verschillende kosten koper (k.k.), samen gemiddeld 4–6% van de koopprijs. De grootste post is meestal de overdrachtsbelasting van 2% bij een bestaande woning (voor starters van 18 tot 35 jaar geldt onder een prijsgrens een eenmalige vrijstelling). Daarnaast betaal je de notaris voor de leverings- en hypotheekakte, taxatiekosten, advies- en bemiddelingskosten voor de hypotheek en eventueel een aankoopmakelaar. Een deel van deze kosten is fiscaal aftrekbaar. Deze kosten worden doorgaans uit eigen geld betaald.
Ja. Bij de meeste hypotheken mag je jaarlijks tot 10% van de oorspronkelijke hoofdsom boetevrij extra aflossen. Je kunt kiezen uit twee effecten: je maandlast verlagen of je looptijd verkorten — dat laatste levert meestal de meeste rentebesparing op, omdat de restschuld sneller daalt. Los je in één keer meer af dan het boetevrije deel, dan kan de geldverstrekker een boeterente (vergoeding voor renteverlies) rekenen, vooral als de actuele rente lager is dan jouw contractrente. Bij verkoop van de woning kun je doorgaans wel volledig boetevrij aflossen.
De gangbare aflosvormen zijn de annuïteitenhypotheek (gelijkblijvende maandlast: het rentedeel daalt en het aflossingsdeel stijgt in de loop van de tijd), de lineaire hypotheek (vast aflossingsbedrag, dalende maandlast) en de aflossingsvrije hypotheek (je betaalt alleen rente en lost niet af). Alleen de annuïteiten- en lineaire vorm die binnen 30 jaar volledig wordt afgelost geven recht op hypotheekrenteaftrek voor nieuwe hypotheken. Een aflossingsvrije hypotheek heeft de laagste maandlast, maar je houdt aan het einde een restschuld en hebt voor nieuwe leningen geen renteaftrek.
Hoeveel je maximaal mag lenen wordt bepaald door de financieringslastnormen die het Nibud jaarlijks vaststelt en die wettelijk verankerd zijn. Op basis van je bruto-inkomen en de rente geldt een maximale woonquote: het deel van je inkomen dat je aan hypotheeklasten mag besteden. Lopende kredieten (persoonlijke lening, autolease, creditcard, eventueel studieschuld) verlagen je maximale hypotheek. Een tweede inkomen telt grotendeels mee. Houd daarnaast altijd een buffer aan voor onvoorziene uitgaven en voor een mogelijke rentestijging bij de renteherziening.